Skip to content

Is mijn kind hoogbegaafd? Veel mensen komen bij mij met die vraag. Niet zo gek natuurlijk, wanneer je je als psycholoog hebt gespecialiseerd in het onderwerp hoogbegaafdheid. Maar… het vaststellen van hoogbegaafdheid is lastig en is ook niet altijd per se mijn doel. Dat heeft verschillende redenen.

Vermoedens van hoogbegaafheid: de achterliggende vraag

Er kunnen allerlei redenen zijn dat ouders besluiten dat ze willen laten onderzoek of een kind hoogbegaafd is.

Bijvoorbeeld:

  • Onze dochter raakt steeds minder gemotiveerd om naar school te gaan en gaat vaak met buikpijn heen. Ze voelt zich niet prettig, vindt school saai en zegt dat ze zich verveelt. Heeft ze meer uitdaging nodig? Hoe kunnen we haar helpen om weer gemotiveerd te raken?
  • Mijn zoon heeft veel kenmerken van hoogbegaafdheid. Op school zien ze echter niets bijzonders; hij doet gewoon met de rest mee en levert geen opvallende prestaties. We dachten eerst dat hij misschien wel een ontwikkelingsvoorsprong had, maar nu gaan we twijfelen. Hebben we het nu zo verkeerd gezien? 
  • Onze jongste is op school een voorbeeldig kind, maar thuis heeft hij steeds vaker driftbuien. We zien bij hem veel kenmerken van hoogbegaafdheid. Kan het zijn dat dat een rol speelt?
  • Ons kind doet het erg goed op school en krijgt al veel extra uitdaging. Toch loopt het niet lekker. Er lijkt meer nodig. We willen, in samenspraak met school, graag weten of hij in aanmerking komt voor  fulltime hoogbegaafdenonderwijs. 

De vraag die in deze en andere gevallen vaak wordt gesteld is: is mijn kind hoogbegaafd? Bij al deze vragen hierboven is er echter ook een achterliggende vraag. En dat is vaak het geval wanneer ouders hun kind aanmelden voor onderzoek naar hoogbegaafdheid. En die achterliggende vraag is eigenlijk veel belangrijker: wat heeft mijn kind nodig om optimaal te functioneren (qua prestaties en/of sociaal-emotioneel gezien) Een ‘label’ hoogbegaafdheid geeft hier niet altijd direct een antwoord op.  

Wat is hoogbegaafdheid?

Wat is precies hoogbegaafdheid? Wetenschappers en practici zijn hier nog niet over uit. Ondanks dat er steeds meer kennis is over wat hoogbegaafdheid inhoudt en wat hoogbegaafde kinderen nodig hebben, bestaat er nog geen consensus over wat hoogbegaafdheid is. Er zijn veel verschillende definities en theorieën over hoogbegaafdheid. Tegenwoordig gaat men er over het algemeen vanuit dat hoogbegaafdheid meer omvat dan het hebben van een hoog IQ. Maar welke kenmerken er precies bij horen (en in welke mate) daarover is nog geen eenduidigheid. 

Omdat er geen consensus is over wat hoogbegaafdheid precies inhoudt is het ‘labelen’ van kinderen en jongeren als hoogbegaafd ingewikkeld en het kan tot allerlei misverstanden leiden. 

Dé hoogbegaafde bestaat niet

Ieder kind is uniek. Dat geldt zeker ook voor hoogbegaafde kinderen. Ieder kind heeft z’n eigen persoonlijkheid en interesses, leeft in zijn eigen unieke omgeving en reageert op zijn eigen manier op situaties. Zo gaat ook ieder hoogbegaafd kind op eigen, unieke manier met zijn hoogbegaafdheid om.

De groep hoogbegaafde kinderen is dan ook zeker geen homogene groep, zoals wel heel lang is gedacht. Inmiddels weten we dat er juist veel verschillen bestaan tussen hoogbegaafde kinderen.

Zelfs wanneer we alleen kijken naar intelligentie is de groep hoogbegaafde kinderen niet homogeen. Ook als je ervan uit zou gaan dat er altijd sprake is van een IQ boven 130, dan is er nog altijd veel variatie mogelijk in IQ-scores van kinderen én in sterke en zwakke punten binnen een intelligentieprofiel. Onderzoek laat zien dat de verschillen in intelligentieprofielen tussen kinderen met een hoge intelligentie groter zijn dan bij andere kinderen. Niet iedere hoogbegaafde heeft dezelfde cognitieve of intellectuele capaciteiten. En dat kan veel verschil maken voor bijvoorbeeld de onderwijs- en instructiebehoeftes van een kind.

Ook in functioneren zijn er veel verschillen. Veel mensen denken nog steeds dat alle hoogbegaafde kinderen genieën zijn, die in alles ver vooruit zijn op hun leeftijdsgenoten en op school overal in uitblinken. Maar dat is zeker niet het geval. Sommige kinderen blinken inderdaad uit op school. Terwijl anderen juist floreren op gebieden buiten school. Sommige kinderen zijn ontzettend perfectionistisch en leggen de lat voor zichzelf erg hoog. Terwijl anderen geen opvallende prestaties leveren. Sommige hoogbegaafde kinderen hebben een grote vriendenkring. Terwijl anderen zich een buitenbeentje voelen en moeilijk aansluiting vinden bij andere kinderen.

Kortom: Hoogbegaafde kinderen vormen geen homogene groep, maar juist een heel diverse groep. Dé hoogbegaafde bestaat niet. Dat maakt dat een ‘label’ hoogbegaafdheid nog niet direct iets zegt over wat een individueel kind in zijn/haar eigen specifieke situatie nodig heeft.

Voordelen en nadelen van een ‘diagnose’ hoogbegaafdheid

Het kan heel nuttig zijn wanneer een kind een ‘label’ hoogbegaafdheid heeft. In de praktijk kan dit helpen om extra stimulering van een kind te realiseren, zodat het kind zich maximaal kan ontplooien. Dit kan zeker helpend zijn voor onderpresterende kinderen en soms opent het deuren die anders gesloten blijven.

Tegelijkertijd is het natuurlijk de vraag of een label echt nodig is om een extra onderwijsaanbod te krijgen. En ook of het voldoende weergeeft waar de kwaliteiten en mogelijkheden van een kind liggen, zodat het ook echt passend onderwijs krijgt en het beste uit zichzelf kan halen. Daar gaat het uiteindelijk om: inzichtelijk krijgen wat het kind nodig heeft.

Een label hoogbegaafdheid kan er ook toe leiden dat een kind onrealistisch hoge verwachtingen van zichzelf krijgt, met faalangst of een lage eigenwaarde tot gevolg. Of dat een leerkracht verkeerde verwachtingen krijgt en minder investeert in instructies en aandacht voor een kind. Met als gevolg dat een kind wordt overvraagd, of nog steeds niet tot optimale ontplooiing komt.  

Het begrip hoogbegaafdheid

Het mag duidelijk zijn dat ik voorzichtig ben met het gebruik van het label hoogbegaafdheid voor individuele kinderen. Dat neemt niet weg dat het begrip hoogbegaafdheid mijns inziens waardevol is. Er is nu eenmaal een specifieke groep kinderen, met zeer hoge capaciteiten en heel specifieke en complexe behoeften. En die verdient echt onze aandacht.

Er is vooral nog meer onderzoek nodig, een scherpere operationalisering van het begrip hoogbegaafdheid, en betere (goed gevalideerde en betrouwbare) meetinstrumenten of methodieken om hoogbegaafdheid objectief in beeld te brengen, voor we hoogbegaafdheid betrouwbaar als beeld kunnen vaststellen bij een kind. Laten we vooral proberen om hun talenten te herkennen en meer kennis te vergaren over wat zij nodig hebben, zodat zij ook daadwerkelijk tot excellente prestaties kunnen komen.

Lees meer:

Meer informatie of een vrijblijvende afspraak?